Positionering – De rol van het museum in de 21e eeuw (2009-2011)

Het Van Abbemuseum is een van de meest toonaangevende musea voor hedendaagse kunst in Nederland, met een  internationale reputatie. Vragen op het gebied van kunst en samenleving stelt het museum op een radicale en experimentele wijze aan de orde. Openheid, gastvrijheid en kennisuitwisseling zijn van belang.

In 2009 vroeg de directie van het Van Abbemuseum me als Hoofd Marketing, Educatie, Bemiddeling en Fondsenwerving voor het 2 jaar durende programma Play Van  Abbe. Play Van Abbe vraagt wat de rol van het museum is in de 21e eeuw, en nam zichzelf daarbij als voorbeeld in de discussie met de maatschappij. Door interdisciplinaire en internationale samenwerkingsverbanden onderzochten we hoe het museum zijn positie als kennisinstituut en collectief cultureel ‘geheugen’, als plek voor verbazing en inspiratie vandaag en morgen maximaal vorm kan geven. Dit gebeurde door vier tentoonstellingen in twee jaar, met subvragen van deze hoofdvraag.

Mijn rol omvatte het balanceren tussen inhoud (curatoren) en vertaling naar bezoekers (marketing en educatie). Ik gaf leiding aan het team Marketing, Educatie, Bemiddeling en Fondswerving, schreef het kernverhaal voor heldere positionering, subsidieaanvragen en marketingplan, leidde een pitch voor een communicatiebureau, en zette oa social media in, wat vrij nieuw was in de museumwereld. De Mondriaan Stichting en andere fondsen kenden subsidies toe. Het positioneringsbudget in de museumwereld is echter heel klein. Netwerken, relaties leggen en creativiteit zijn van groot belang.

Voor tentoonstellingsopeningen nodigde ik sprekers zoals staatssecretaris Timmermans, burgemeester Rob van Gijzel, Kader Abdollah, Joost Zwagermans, en schreef een deel van deze speeches. Ik betrok het bedrijfsleven bij het museum, liet via crowd sourcing communicatiemanagers uit het bedrijfsleven meedenken over Play Van Abbe, en zette een feedbackgroep voor kritische discussie op. Ook nodigde ik journalisten uit voor discussie. Mijn aanpak en brugfunctie verstevigde in die periode het imago van het museum.

Ik was sparring partner van de directie, oa voor het plan Het Glazen Depot, dat de grenzen tussen kunst, design, en technologie achter zich zou laten en in plaats daarvan het samenspel nastreefde. Ik onderzocht mogelijke samenwerking met het nieuwe MAXXI museum in Rome. In gemeentelijke bezuinigingsronden eind 2011 nav landelijke besluitvorming, betoogde ik in de Raadszaal van het stadhuis in Eindhoven over de ‘innovatieve’ identiteit van het museum. Deze discussie vormde als het ware een apotheose van Play Van Abbe, dat immers de vraag stelde: ‘Wat is de rol van musea in de 21e eeuw?’ Hier bleek wederom dat het Van Abbemuseum – van oudsher – voorloper is in de (inter)nationale discussie in de museumwereld.

Mijn persoonlijke leerpunt bij het Van Abbemuseum was dat juist in maatschappelijk betrokken organisaties (maw niet-bedrijfsleven) een story niet altijd eenduidig en tot de kern vast te stellen is. Juist de rafelrandjes aan een verhaal leveren nieuwe vragen en vergezichten.

Download of lees de volledige casebeschrijving

Tot op heden ben ik verbonden aan het museum, een voor mij heel dierbare relatie. Het Van Abbemuseum is qua werknemers de kleinste organisatie waar ik ooit gewerkt heb – komende vanuit het internationale bedrijfsleven met 6000 medewerkers. Maar qua droom over haar rol in de maatschappij is het museum een van de organisaties waar ik het meeste bewondering voor heb. De organisatie waar mijn hart en hoofd de mooiste combinatie vormen, en waar ik veel geleerd heb over het belang van denken in waarden, in plaats van in commerciele winstmodellen.

www.vanabbemuseum.nl  Zie ook Lissiztky-Kabakov tentoonstelling in mijn blog ‘Russen willen Lissitzky zien’ op deze website.