“Waar het ons en onze studenten aan ontbreekt is moed. Moed om te geloven in een oplossing voor alle problemen in Italië, en in een toekomst voor onze jeugd. Dat maakt ons zwak. Het is onbegrijpelijk dat zoveel mensen op Berlusconi stemden, terwijl men weet dat wat bij niet waarmaakt wat hij belooft. Zowel hij als Grillo zijn tegen Europa. Kun je je voorstellen wat het betekent als de helft van het Italiaanse volk tegen Europa is? Terug naar de lire is ondragelijk… Monti had Napoletano op kunnen volgen als hij had geluisterd naar zijn advies niet verder de politiek in te gaan. Onze economie en samenleving zijn er ernstig aan toe. Daarnaast hebben we op de universiteit en in Italië ook nog het probleem van een male dominated culture. Wij willen dat meer meisjes goede arbeidsplaatsen krijgen. Laat ons Noord-Europese moed zien, inspireer ons.”

Ik was genodigd voor een masterclass door een professor en de directeur van de faculteit Economie aan de Università di Sapienza van Rome, de oudste universiteit in Rome (1303) en de grootste in Europa (130.000 studenten). Italiaanse studenten wilden weten hoe het governance model van Brainport voor samenwerking en open innovatie in elkaar steekt. Een ideaalplaatje waar overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen elkaar vertrouwen. Met alleen al de onderwerpen ‘vertrouwen’ en ‘een gemeenschappelijk hoger doel’ kan je in Italië een lesuur vullen. Een docente glimlacht veelvuldig. Ze zegt dat ze eenvoudigweg jaloers is op de mogelijkheden, het schone systeem en het waarmaken van dromen in Nederland.

SapienzaHalIk besluit het laaste uur van de masterclas met een workshop naar aanleiding van de vraag ‘Stel dat je in Italië een samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en universiteiten wilt opzetten, hoe pak je dat aan en wat denk je tegen te komen?’ De eerste groep studenten presenteert stellig in het Engels dat de overheid in zoiets het voortouw moet nemen, in plaats van het MKB. Anders komt er toch niets van terecht. De maffia zit nu immers ook al in het Noorden van Italië. Na het opgewekt uitspreken van dat woord wordt deze studente door een van haar vriendinnen in het Italiaans teruggefloten. Ofwel omdat je de vuile was niet buiten hangt, ofwel omdat je dat woord niet moet noemen. Tja, en als de overheid niets doet? Er wordt diep bij gezucht, de schouders worden opgehaald. De andere groep zegt dat de drijfveer voor het opzetten van een dergelijk netwerk een innovatieve verbetering moet zijn, of een gemeenschappelijk doel waarmee je anderen inspireert. Dit mooie antwoord blijkt een uur later meer theorie dan werkelijkheid: deze groep studenten is bezig een samenwerking met het bedrijfsleven op te zetten, maar inmiddels apathisch. Ze zeggen dat het systeem verrot is, dat het College van Bestuur van de Universiteit geen werkruimtes vrij geeft. Hun eerste klant is notabene IBM…

Moed. Ja. Om je vlag te planten, de gewenste werkruimte letterlijk te bezetten, misschien zelfs pers te betrekken. Om te vertellen dat jij als student deze opdracht nodig hebt om je toekomst te bouwen.

De professor stelt zijn studenten de moed van de demonstrerende acteurs van het Teatro della Valle ten voorbeeld. Kunstenaarsmoed om de maatschappij te bekritiseren, het spiegelen dat wij in Nederland niet als belangrijk zien. Maar als de nood aan de man komt – zoals hier in Italië -blijkt dat type moed dus opeens een laatste redmiddel om elkaar te inspireren…

‘Jij bent zo dapper’, zei een van de studentes. Maar waarschijnlijk is dit type dapperheid eenvoudiger in een land waar de infrastructuur en het samenlevingssysteem helder zijn. Waar energie, doorzettingsvermogen, samenwerking en een goede planning vaak gehonoreerd wordt. Laten we ons dat in Nederland blijven beseffen.

Uniroma1